
Fietsen in Tanzania
Het had die nacht geregend, en dat merkten we vanaf de eerste kilometer. Vijfentwintig kilometer van Moshi naar TPC, over een pad langs de rivier in plaats van over de weg, met suikerriet links en de Kilimanjaro ergens achter ons. We kwamen aan zoals je aankomt als je dat doet, van onder tot boven onder de modder.
Dat is wat fietsen hier met je doet. Je ziet het land op ooghoogte, je ruikt het, en je stopt waar je wilt. In een auto rijd je erlangs.
Een dagtocht past in bijna elke reis
De meeste mensen die bij ons fietsen doen dat één dag, of een halve. Dat is ook wat het makkelijkst past. Je hoeft je reis er niet omheen te bouwen, je schuift het ertussen, voor de safari of erna, als je toch in de buurt van Moshi bent.
Een halve dag is een rit van een paar uur en je bent rond lunchtijd terug. Een hele dag gaat verder het land in, met een stop onderweg. Welke van de twee past hangt af van hoe je reis eromheen loopt, en daar denken wij in mee.
Waar je rijdt
Het gebied rond Moshi loopt op naar de Kilimanjaro, en dat bepaalt alles. Koffieplantages, dorpen waar mensen op het land werken, zandpaden langs rivieren, en op heldere ochtenden de berg boven je. Later op de dag zit hij meestal achter de wolken, en dat hoort erbij.
Je rijdt langs mensen, niet langs niets. Kinderen die meerennen, vrouwen met emmers op het hoofd, mannen die een fiets volladen met bananen. Dat is precies waarom het de moeite waard is.
Fietsen in een nationaal park kan ook
Dit weten weinig mensen: in twee van de nationale parken mag je fietsen, en wij regelen dat voor je.
Arusha National Park is de leukste van de twee. Je rijdt van Ngongongare naar de Momella-poort, of de route rond de Ngurdoto-krater, met een gids erbij die weet waar je wel en niet stopt. Je zit op een fiets in een park waar iedereen anders in de auto zit, en dat hoor je ook. Geen motor, alleen je eigen wielen.
In Kilimanjaro National Park mag het ook, op langere routes die hoger liggen. Dat is een stevige dag en een ander soort rit dan een ochtend bij Moshi, dus die bouwen we apart met je uit.
Wat erbij hoort: je meldt je aan bij de poort, er komt een fietstarief bij de parkentree, en kinderen mogen mee vanaf tien jaar. De aanmelding en de gids regelen wij, jij zet alleen je handtekening bij de poort.
In de Serengeti en in Tarangire mag fietsen niet, daar blijf je in de auto. Rond Moshi mag het overal, en daar rijden de meeste van onze gasten.
E-bike of gewone fiets
Beide kan. En de e-bike is belangrijker dan hij klinkt, want hij haalt de klim uit de beslissing.
Wie thuis regelmatig fietst, zit prima op een gewone fiets. Maar je gaat zelden met z'n tweeën op hetzelfde niveau op pad. Met een e-bike rijdt een stel samen dezelfde route, en bepaalt niemands conditie wat de ander wel of niet ziet. Dat is ook het antwoord voor wie boven de zestig is en dit eigenlijk wel wil.
Hoe zwaar het is
Dat ligt aan de route en aan het weer. De paden zijn zand en aarde, en na een regenbui worden ze glad. Het klimt licht, want je zit op de flank van een berg.
Een gewone dagtocht is te doen voor wie redelijk fit is en af en toe fietst. Je hoeft geen mountainbiker te zijn. Wil je het rustiger, dan korten we de route in of nemen we de e-bike. Wil je het zwaarder, dan kan dat ook.
Wat het niet is: een uitje waar je in je nette kleren op stapt. Je wordt vies, en bij ons is dat een pluspunt.
Meerdaags, als je meer wilt
Meerdaagse tochten kunnen ook. Je rijdt dan in een paar dagen van de groene flanken van de Kilimanjaro de drogere savanne in, slaapt onderweg, en ziet het landschap onder je wielen veranderen van bananen en koffie naar open vlakte.
Het is een andere reis dan een dagtocht. Je hebt er conditie voor nodig en je maakt er tijd voor vrij, en het bepaalt de vorm van je hele programma. De meeste mensen kiezen uiteindelijk voor één dag, en wil je dit, dan regelen we het.
Mijn rit naar TPC
Om negen uur 's ochtends haalden we de fietsen op. Er stond een rij modellen klaar, tot een gloednieuwe e-mountainbike aan toe, en om kwart over tien reden we weg.
Na een uur kreeg een van ons een lekke band. Onze gids stapte af, gaf zijn eigen fiets weg zodat de groep door kon rijden, plakte de band, en reed ons binnen twintig minuten weer achterop. Dat is het verschil tussen zelf een fiets huren en met iemand rijden die het land kent. Twintig minuten kwijt in plaats van je hele middag.
Na twee uur en tien minuten kwamen we aan bij TPC, de suikerfabriek met een club erbij. Douchen, schone kleren aan, en daarna gefrituurde groente in tempurabeslag, wat daar het lekkerste op de kaart stond.
Fietsen en safari in dezelfde reis
Fietsen en safari doen iets anders, en veel van onze gasten doen allebei. In het park zit je in een auto en kijk je naar dieren, op de fiets rijd je door het gewone leven van een land. Meestal combineren ze dat rond Moshi, voor of na de parken.
Rijd je liever echt lange afstanden, dan is dat een ander soort reis. Daarover schreven we apart, over safari na de Africa Classic.
Wil je weten of een fietsdag in jouw reis past, laat het ons weten, dan kijken we waar hij het beste valt.









