
Welke taal spreken ze in Tanzania?
In Tanzania spreken ze Swahili. Het is de nationale taal en bijna iedereen spreekt het, naast de eigen taal van zijn bevolkingsgroep. Engels wordt gebruikt in het hoger onderwijs, de rechtspraak, het zakenleven en het toerisme.
Kom je met Engels verder
In de lodges, bij je gids en op het vliegveld wel. Iedereen die voor ons rijdt, spreekt Engels, en in de kampen ook.
Op de markt, in een daladala, het minibusje, en buiten de toeristische plekken veel minder. Daar helpen een paar woorden Swahili meer dan je denkt.
De woorden die je de eerste week gebruikt
Swahili | Betekenis |
Habari? | Hoe gaat het? Antwoord: nzuri, goed |
Karibu | Welkom, ook kom binnen en graag gedaan |
Asante sana | Dank je wel |
Tafadhali | Alsjeblieft |
Pole pole | Rustig aan |
Shikamoo | Respectvolle groet aan een oudere |
Jambo hoor je overal, maar dat is vooral voor toeristen. Wie habari zegt, krijgt een glimlach terug.
Meer woorden, en waar het Swahili vandaan komt, lees je in onze blog over Swahili.
Swahili-tijd
Let op bij afspraken: in het Swahili begint de dag bij zonsopkomst. Saa moja, het eerste uur, is zeven uur 's ochtends. Hoe dat werkt, staat op onze pagina over de tijd in Tanzania.
Karibu
Het eerste woord dat je hoort als je landt, en het laatste als je weggaat. Hoe een reis met ons daartussen verloopt, zie je in onze voorbeeldreizen.
