De Grote Trek door de Serengeti, waar de kuddes wanneer zijn
Jaren geleden, Makasa bestond nog niet, reden Ngomi en ik dwars door een kudde gnoes die geen einde kende. De dieren maakten zich met korte, abrupte sprongen uit de voeten. Toen kreeg de Landcruiser een lekke band. Onze gids zette de motor af, en de stilte van de Serengeti viel over ons heen. Links gnoes, rechts gnoes, voor en achter gnoes. Hij stapte uit en begon het wiel te verwisselen, en terwijl hij bezig was trokken de dieren zich steeds minder van ons aan. De kudde sloot zich om de auto heen. Ik hoor hun gesnuif nog.
Wat ik die ochtend leerde, staat in geen enkele reisgids. De trek is geen voorstelling die op een afgesproken tijd begint. Het is een kringloop van ongeveer 800 kilometer die nooit stilstaat, die regen volgt in plaats van een kalender, en die zich niets aantrekt van jouw reisdata.
Hieronder staat waar de kuddes wanneer zijn, wat de wetenschap erover weet, en waarom de kalftijd in februari voor veel reizigers sterker uitpakt dan de oversteek in augustus. Onderaan schrijf ik ook op wat de drukte inmiddels met deze reis doet, want dat hoort bij een eerlijk antwoord.
Wanneer is de grote trek in Tanzania
Het hele jaar. De kuddes zijn altijd ergens in beweging binnen het Serengeti-Mara ecosysteem, dus de vraag is niet wanneer de trek plaatsvindt, maar waar de dieren staan in de periode dat jij reist.
Grofweg ziet het er zo uit.
• December tot maart. De zuidelijke kortgrasvlaktes rond Ndutu en Kusini, deels in de Ngorongoro Conservation Area. Kalftijd.
• April en mei. De kuddes schuiven noordwestwaarts, langs de Moru Kopjes en ten westen van Seronera. Lange regens.
• Mei tot juli. De Western Corridor, richting de Grumeti rivier. De eerste oversteken.
• Juli tot oktober. Noordelijke Serengeti, Kogatende en de Lamai Wedge, en de Masai Mara in Kenia. De oversteken van de Mara rivier.
• Oktober en november. Terug naar het zuiden, langs de oostkant via Bologonja en Lobo, als de korte regens beginnen.
Dit is een richtlijn en geen dienstregeling. In een jaar met vroege regen staan de kuddes in oktober alweer zuidelijker dan het schema belooft, in een droog jaar hangen ze langer bij de Mara. Wij bellen in de weken voor vertrek met onze gidsen en met de kampen in het noorden om te horen waar de dieren die week lopen, en passen de route daarop aan.
Wat de kuddes in beweging zet
Gras, en het mineraal dat erin zit.
De zuidelijke vlaktes liggen op vulkanische as uit de Ngorongoro hooglanden. Daar groeit kort gras dat ongewoon rijk is aan calcium, fosfor en stikstof, precies wat een drachtig of zogend vrouwtje nodig heeft. Onderzoek van Holdo en Fryxell laat zien dat de trek wordt gestuurd door twee tegengestelde gradiënten, regenval die naar het noordwesten toeneemt en bodemvruchtbaarheid die naar het zuidoosten toeneemt. De kuddes pendelen tussen voedzaam gras in het zuiden en water in het noorden.
Zodra het gras in het zuiden op is en de poelen droogvallen, is er geen keus meer. Dan trekken ze.
Hoe ze verre regen vinden, is minder hard onderzocht dan mensen denken. Gnoes ruiken uitstekend, en op de vlakke horizon van de Serengeti zie je onweerskoppen op tientallen kilometers afstand staan. Bij olifanten is aangetoond dat ze reageren op verre regen en op bliksem. Voor gnoes is dat een waarschijnlijke verklaring, geen bewezen feit. Wij schrijven dat liever op dan dat wij er een mooi verhaal van maken.
Daar zit ook de reden waarom elke maandindeling, ook de onze hierboven, ongeveer klopt en nooit precies.
Hoeveel dieren lopen er mee
De laatste officiële telling komt van TAWIRI, het Tanzaniaanse wildlife onderzoeksinstituut, samen met TANAPA, de Frankfurt Zoological Society en de University of Glasgow. Veldwerk in maart 2023, gepubliceerd in 2024: 1.366.109 gnoes, met een foutmarge van ruim 230.000 dieren. Daarnaast lopen er ongeveer 200.000 zebra’s mee en zo’n 400.000 Thomsongazellen, plus Grantgazellen en elanden.
De zebra’s gaan vaak voorop. Zij eten het langere, grovere gras en maken het korte gras daaronder bereikbaar voor de gnoes die volgen.
Er is sinds kort discussie over de aantallen. In september 2025 publiceerde een team onder leiding van Isla Duporge van de University of Oxford de eerste telling op basis van satellietbeelden en beeldherkenning, en kwam uit op minder dan 600.000 gnoes. Serengeti-onderzoekers Grant Hopcraft en Colin Torney van Glasgow noemden die uitkomst niet overtuigend, omdat slechts een deel van het verspreidingsgebied is gefotografeerd en tot een vijfde van de dieren onder bomen kan staan. De auteurs zelf zeggen dat ze geen exact getal claimen.
Wij houden 1,3 tot 1,5 miljoen aan, en vertellen erbij dat er wetenschappelijk gesteggel over is. Een rond getal dat lekker bekt is minder waard dan een getal waar je op kunt bouwen.
De Serengeti trek, maand voor maand
December, januari, februari
De kuddes komen aan op de zuidelijke vlaktes rond Ndutu, aan de rand van de Ngorongoro Conservation Area. Kort gras, open uitzicht, veel roofdieren. Dit is voor ons het meest onderschatte seizoen van het jaar, en het staat hieronder apart uitgeschreven.
Maart en april
De lange regens beginnen, meestal vanaf half maart. De megakudde valt uiteen in kleinere groepen die noordwaarts opschuiven door acaciabos. De regen komt in buien, laat in de middag of ’s nachts, niet de hele dag. Ochtendritten zijn meestal helder. Wegen worden zwaar, kampen zijn leger, het landschap is groen en de luchten zijn zwaar. Wij hebben nog nooit een klant gehad die maart betreurde.
Mei en juni
De trek richting het westen komt op gang, langs de Moru Kopjes en ten westen van Seronera, daarna de Western Corridor in. Onderweg gaat de Mbalageti over. In juni stapelen de dieren zich op aan de zuidkant van de Grumeti rivier, waar ze wachten tot de groep groot genoeg is.
Juni en juli zijn ook de maanden van de bronst. Stieren zetten tijdelijke territoria af midden in een trekkende kudde en verdedigen die tegen elkaar, terwijl de hele massa doorloopt. Je ziet uitgeputte mannetjes die wekenlang nauwelijks eten. Het geluid is oorverdovend en het staat in vrijwel geen enkele reisbeschrijving.
De Grumeti oversteek is kleiner dan die van de Mara. De rivier is smaller en bestaat uit diepe permanente poelen, waar enkele van de grootste Nijlkrokodillen van Afrika leven. Het is er rustiger qua voertuigen dan in het noorden, en dat is precies waarom wij deze route vaker adviseren dan je zou verwachten.
Juli, augustus, september
De kuddes bereiken het noorden, rond Kogatende en de Lamai Wedge, en beginnen aan de oversteken van de Mara rivier. Augustus en begin september zijn statistisch de beste weken, en ook de drukste. De dieren steken de rivier in één seizoen meerdere keren over, heen en weer, afhankelijk van waar een bui vers gras heeft gebracht.
Oktober
De dieren pendelen heen en weer tussen het noorden van de Serengeti en de Masai Mara. Oversteken gaan dan beide kanten op. Een oversteek naar het zuiden trekt minder voertuigen en is vaak net zo indrukwekkend.
November en december
Als de korte regens beginnen, trekken de kuddes langs de oostkant van de Serengeti naar het zuiden, richting Ndutu. De cirkel is rond.
Kalftijd in Ndutu, januari en februari
Dit is het deel van de trek dat de meeste mensen overslaan, en het is het deel waar wij zelf het liefst staan.
Ongeveer 500.000 kalfjes worden geboren in een venster van twee tot drie weken, met de piek meestal in februari. Zo’n 80 procent van alle vrouwtjes kalft binnen datzelfde venster. Op de drukste dagen gaat het om duizenden geboortes per dag, over de hele vlakte verspreid.
Waarom bijna alle kalfjes tegelijk geboren worden
Die synchronisatie is geen toeval. Door vrijwel gelijktijdig te kalven overspoelen de gnoes de roofdieren met meer prooi dan ze op kunnen. Een kalfje dat twee weken te vroeg of te laat komt, loopt alleen tussen hyena’s en leeuwen die niet verzadigd zijn. Een kalfje dat in de piek geboren wordt, verdwijnt in de massa.
Een pasgeboren gnoe staat binnen enkele minuten op zijn poten en loopt binnen een dag mee met de kudde. In open terrein kun je je nergens verstoppen, dus rennen is het enige wat werkt. Je ziet moeders die het kalf met hun neus overeind duwen terwijl ze zelf nog nauwelijks op hun benen staan, en je ziet ze om zich heen kijken terwijl ze het doen.
De calciumrijke bodem van Ndutu is de reden dat dit hier gebeurt en niet honderd kilometer verderop. Dat mineraal gaat via het gras in de melk, en daar bouwt een kalf in een paar weken zijn skelet mee op.
Waarom februari de sterkste maand voor cheeta’s is
Cheeta’s jagen overdag, anders dan leeuwen en luipaarden. Ze sporen hun prooi visueel op en zetten daarna een sprint in die zelden langer is dan 300 tot 400 meter, want de energiekosten zijn te hoog om langer door te gaan. Op de open kortgrasvlaktes van Ndutu, met duizenden kalfjes die nog geen ervaring hebben, hoeft die sprint nauwelijks lang te zijn.
Dat betekent dat je hier, in vol daglicht, in open terrein, de hele reeks kunt zien. De selectie, de aanloop, de sprint, de vangst. Meestal zonder dat de auto van zijn plek hoeft.
Wat mensen niet verwachten: na de jacht moet een cheeta eerst liggen. Zijn lichaamstemperatuur schiet tijdens de sprint zo ver omhoog dat hij niet kan eten voordat hij is afgekoeld. Het roofdier dat net gewonnen heeft, is op dat moment het kwetsbaarst.
Waarom je in Ndutu dichterbij komt dan in de Serengeti
Ndutu ligt formeel in de Ngorongoro Conservation Area en niet in Serengeti National Park. Daar geldt een ander regime, en rijden buiten de vaste sporen is er toegestaan. In het nationale park is dat verboden.
Dat verschil van een grens op de kaart bepaalt hoe je dag eruitziet. In Ndutu kan je gids een jagende cheeta volgen over de vlakte, en zich opstellen op een plek waar het licht goed valt. Het is ook de reden dat februari bij ons de foto’s oplevert waar mensen jaren later nog mee aankomen.
Wat het met mensen doet
De kalftijd is hard. Lang niet elk kalf haalt het, en je ziet dat van dichtbij. Wij zeggen dat vooraf, zodat niemand zich er in de auto op verkijkt.
Wat wij terugzien aan het eind van zo’n dag, is dat mensen stil terugkomen in het kamp. Niet verdrietig. Vol. Alsof ze iets hebben gezien dat te groot is voor gewoon gesprek.
Verblijf in de Ndutu-regio zelf, niet in het centrale deel van de Serengeti, anders rijd je elke ochtend uren om te komen waar de dieren zijn. De vlakte is in januari en februari nog groen, de ochtenden zijn warm, en de drukte is aanzienlijk lager dan in augustus. Het seizoen is ook goedkoper.
De oversteek van de Mara rivier, juli tot oktober
De kuddes verzamelen zich aan de oever, soms uren, soms dagen. Ze lopen naar het water, draaien om, komen terug. Zebra’s aarzelen vaak het langst, en als zij niet gaan, gaat de gnoe ook niet. Dan opeens springt er één, en volgt de rest.
Soms steken ze helemaal niet over en trekken ze weer het binnenland in. Dat hoort erbij. Wij zijn zelf eens zes uur bij de oever blijven staan zonder dat er iets gebeurde, en dat was nog steeds een van de sterkste dagen van die reis.
De oversteek is niet de grens met Kenia
Dit is het hardnekkigste misverstand over de grote trek, en bijna elke Nederlandse website houdt het in stand. De gedachte is dat de kuddes bij de oversteek Kenia binnengaan, en later weer terug.
Zo ligt het niet.
De Mara rivier loopt dwars door het noorden van de Serengeti, ruim binnen Tanzania. Wie bij Kogatende naar een oversteek kijkt, ziet dieren van de zuidoever naar de noordoever gaan, en allebei die oevers liggen in Tanzania. Het gebied ten noorden van de rivier heet de Lamai Wedge, een driehoek glooiend grasland tussen de rivier en de Keniaanse grens, en ook dat is nog Serengeti National Park.
De grens met de Masai Mara ligt een eind noordelijker. Een deel van de kuddes steekt die later alsnog over, een ander deel blijft het hele seizoen aan de Tanzaniaanse kant en steekt de Mara meerdere keren heen en weer over, telkens wanneer er aan de overkant vers gras staat. Je kunt dus weken achtereen oversteken zien zonder ooit in de buurt van Kenia te komen.
Voor jou betekent dat twee dingen. Je hebt geen tweede visum nodig om de oversteken te zien, en je zit niet vast aan het venster waarin de dieren in Kenia zijn.
Van welke oever kijk je
Dat ligt vast, en niet aan jou. De oversteekpunten langs de Mara zijn genummerd, en per punt is bepaald hoeveel voertuigen er mogen staan, hoe ver ze van de oever moeten blijven, en aan welke kant van de rivier ze zich opstellen. Bij vrijwel alle punten geldt één oever, en blijft de andere leeg.
Dat is er gekomen naarmate het drukker werd, om het gebied en de dieren te beschermen. Een kudde die aan beide kanten voertuigen ziet staan, keert vaker om dan dat hij oversteekt.
Welk punt die ochtend open is en welke kant dan geldt, weten de gidsen die er dagelijks rijden. Dat is niets waar jij je in hoeft te verdiepen, en alles waarom het uitmaakt wie er achter het stuur zit.
Wat je niet ziet gebeuren
Onderzoek van Subalusky en collega’s, gepubliceerd in PNAS, laat zien dat er gemiddeld zo’n 6.250 gnoes per jaar verdrinken in de Mara, samen ongeveer 1.100 ton biomassa. Die kadavers voeden de rivier. Vissen eten ervan, aasgieters en maraboes ruimen de oevers, en de botten geven nog zeven jaar lang fosfor af aan het water. De rivier draait op de trek, net zoals de trek op het gras draait.
Hoe je je kansen op een oversteek vergroot, waar de oversteekpunten bij Kogatende liggen en hoeveel dagen je er realistisch voor moet uittrekken, hebben wij apart uitgeschreven in de rivieroversteek bij de Mara.
Tanzania of Kenia, waar zie je de trek
In Tanzania, het hele jaar door. Kenia heeft een venster van een paar maanden, en zelfs in dat venster staat een groot deel van de kuddes nog aan de Tanzaniaanse kant.
De denkfout zit in het woord trek. Mensen stellen zich één kudde voor die van het ene land naar het andere verhuist, als een leger dat opbreekt. Zo werkt het niet. Ruim een miljoen dieren staan nooit samen op één plek. Ze lopen in tientallen groepen, verspreid over honderden vierkante kilometers, en die groepen bewegen los van elkaar. Terwijl de ene kudde in augustus in de Masai Mara graast, staat de andere nog in de Lamai Wedge, en steekt een derde de Mara terug naar het zuiden over.
Het gebied ten noorden van de Mara rivier, nog steeds Serengeti, houdt van juli tot november doorgaans het grootste deel van de trek vast. In droge maanden staan daar vaak meer dieren dan aan de Keniaanse kant. Wij zien dat elk jaar, en het is ook wat de kampen in het noorden rapporteren.
Dat je het andere verhaal hoort, heeft een reden. De Masai Mara is klein, goed ontsloten en al decennia het decor van natuurdocumentaires, en Kenia voert al even lang campagne op de trek als Keniaans product. Dat is goede marketing. Het is alleen geen goede aardrijkskunde.
Kenia is een prima bestemming, en de Mara is een schitterend reservaat. Maar wie in Tanzania is, hoeft niet bang te zijn dat hij de trek misloopt. De dieren zijn hier het hele jaar, en in de maanden waarin Kenia het hardst adverteert, zijn ze hier ook.
Er is nog een verschil dat zwaar meeweegt sinds juli 2024. Masai Mara National Reserve verhoogde de entree naar 200 dollar per volwassene in het hoogseizoen, en die kaart geldt twaalf uur. In de Serengeti betaal je op dit moment 70 dollar per persoon per 24 uur in het hoogseizoen en 60 dollar in het laagseizoen, exclusief 18 procent btw. Datzelfde prijsverschil is een van de redenen dat het in het noorden van de Serengeti drukker is geworden.
En dat brengt me bij het deel dat je op weinig safariwebsites leest.
Wat wij het afgelopen jaar werkelijk zagen, tegenover wat de kalender beloofde
De route klopte. De kuddes stonden waar wij ze verwachtten, de kalftijd viel in februari, de oversteken kwamen in augustus.
Wat veranderde, was de drukte.
De Serengeti ontving in 2023 ruim 388.000 internationale bezoekers, in 2024 ruim 430.000, en in 2025 ruim 491.000, volgens cijfers van TANAPA, gerapporteerd in de Tanzaniaanse pers in mei 2026. Het aantal bedden in het park staat inmiddels boven de 5.100, volgens de IUCN een verzesvoudiging in tien jaar. In het hoogseizoen rijden er honderden voertuigen per dag rond in het noordelijke deel alleen al.
In juli 2025 ging het mis bij Kogatende. Bij een oversteekpunt waar het officiële maximum 60 voertuigen is, telde een gids er meer dan 150. Mensen stapten uit en gingen op motorkappen zitten, en de kuddes raakten geblokkeerd. TANAPA schorste zes gidsen voor een jaar uit alle Tanzaniaanse parken. Conservation Commissioner Musa Kuji sprak van een schending van de beroepsethiek.
Dit jaar gebeurde het opnieuw, anders. Op 30 augustus reed bij het Kogatende Nyumbu oversteekpunt een safarivoertuig de Mara in terwijl de chauffeur voor de anderen uit naar de oever racete. Vier Zwitserse gasten en hun chauffeur kwamen er ongedeerd uit, in een rivier vol krokodillen. TANAPA stuurde daarna een waarschuwing rond tegen te hard rijden en tegen het verdringen om een plek aan de oever.
Sindsdien rijden er patrouillevoertuigen langs de Mara en wordt er strenger gehandhaafd. Wij zijn daar blij mee. Wat daar gebeurde, is slecht voor de dieren en slecht voor het vak.
Voor jou als reiziger betekent het drie dingen.
Eén. Ga buiten de piek als het kan. Eind juli en oktober leveren in het noorden vaak net zulke goede oversteken op als de tweede helft van augustus, met de helft van de auto’s. Juni bij de Grumeti is rustiger dan alles daarna. En februari in Ndutu is qua roofdieractie de sterkste maand van het jaar, tegen een lagere richtprijs.
Twee. Neem meer dagen in het noorden dan je denkt nodig te hebben. Wie één dag boekt bij Kogatende, boekt geen oversteek maar een kans. Wij adviseren er minimaal drie.
Drie. Kies een gids die kan blijven staan. Dat is geen detail. Bij een oversteek maakt de gids die zijn plek houdt en de motor afzet het verschil tussen beelden waar je jaren later nog naar kijkt, en een file waarin honderd mensen hetzelfde plaatje schieten. Iedereen die voor Makasa rijdt, kennen we persoonlijk en hebben we zelf uitgekozen.
Hoe dat er in de praktijk uitziet, schreef een gast ons dit jaar:
Vandaag bij de Mara rivier bleef onze gids rustig op zijn plek staan, terwijl iedereen wegreed omdat ze dachten dat de kudde verderop zou oversteken. En wat gebeurde er? De kudde kwam recht voor ons langs, en opeens moest iedereen omkeren en terugrijden. En wij stonden er nog. Zijn geduld en ervaring betaalden zich weer uit.
Stephanie, september 2026
Hoe wij een migratiereis plannen
Wij beginnen bij jouw reisdata, niet bij een standaardroute. Zeg ons wanneer je kunt, en wij vertellen waar de kuddes dan naar verwachting staan, wat er in die periode realistisch te zien is, en waar het rustig genoeg is om het rustig te bekijken. Als jouw data slecht uitkomen voor de trek, zeggen we dat ook, en dan bouwen we de reis rond iets anders dat in die weken sterk is.
Wij wonen hier, en wij rijden deze route al zeventien jaar. De kuddes houden zich niet aan afspraken, en wij houden ons niet aan schema's die daar geen rekening mee houden.
Download de migratiereis, negen dagen langs de trek
Je krijgt hem binnen een paar minuten in je mail.
- De route dag voor dag, van Tarangire en de Ngorongoro krater tot de noordelijke Serengeti
- De richtprijs per persoon, per seizoen
- Welke reistijd past bij wat jij van de migratie wilt zien
Daarna stemmen wij hem af op jouw reisdatum en op waar de dieren dat jaar staan.